Ik was aan het denken aan een situatie om wat stoom over af te laten, zonder het thema "koude" er in te verwerken. Een mens moet origneel en creatief blijven om wat aandacht te trekken, nietwaar? Wel, laat me alvast verklappen dat me het niet gelukt is. Die verdomde koude is volgens mij de enige frustratie geweest van de afgelopen dagen! Maar bij het schrijven van dit artikel dacht ik toch meteen aan de situatie van vanmorgen, die zo banaal was dat ik me er mateloos aan begon te ergeren. Ik neem jullie mee naar de ochtend van 1 maart 2018.
Tuwore in de ochtend van 1 Maart 2018
De ochtend begon zoals elke andere ochtend: rustig en zonder zorgen. Ik moest vandaag pas om 15u beginnen werken, dus ik had ruimschoots de tijd om mijn koffie te zetten en het eerste uur van m'n dag te verspillen op het internet. Dit is mijn dagelijkse routine: koffie drinken tot het energiepeil op aanvaardbare niveau's komt, om dan in actie te schieten wanneer mijn maag zo hard begint te grommen dat het niet meer te negeren valt.
Dus na de tweede tas koffie was het zover. Mijn maag zei dat het tijd was voor ontbijt. "Geen probleem", dacht ik. "Ik heb nog wat brood over van gisteren, en beleg is er in overvloed. Zaaaaaaalig dat ik in dit weer niet meer naar de bakker moet." Dus half euforisch wandel ik naar de keuken, om tot mijn groot afschuw te zien dat de boordzak leeg is. De frustraties van samenwonen... Heel even stond mijn wereld stil. Mijn brein schoot meteen in crisis-modus en begon snel de meest lukrake alternatieven te verzinnen: hamburger als ontbijt, een pot pudding als ontbijt, mezelf nog een nieuwe kas koffie inschenken en het hongergevoel negeren, spaghetti van gisterenavond.... Uiteindelijk besloot ik toch de volwassen uitweg te kiezen, m'n kleren aan te doen en de helse tocht richting de bakker in te zetten.
Buiten aangekomen leek het alsof SIberië zich naar m'n voordeur had verhuisd. De koude sneed door m'n lagen kledij heen en de ijzige wind schreeuwde als een boze heks in de slechte tijd van de maand. Halfweg besefte ik dat ik m'n handschoenen beter had aangedaan, maar van terugkeren was er ondertussen geen sprake meer. Met m'n handen in mijn zakken kon ik het wel aan. Aangekomen bij de bakker bestelde ik een brood en een croissant voor onderweg. Desondanks de croissant heerlijk was, besefte ik toen nog niet wat een grove fout ik zojuist had gemaakt.
Tijd voor de terugweg. Brood in m'n linkerhand, croissant in m'n rechterhand, zette ik de helse tocht verder. Na een goede twintig meter begon ik mijn fout in te zien. Ik had mijn handen vol, en dus was er van bescherming in mijn jaszakken geen sprake. De koude en de wind gingen als woeste duivels tekeer. Na vijftig meter had ik het gevoel dat mijn handen lichtjes verdoofd begonnen te geraken. Na tachtig meter stonden de tranen in mijn ogen. Na honderd meter was ik op zoek naar de eerste zwarte plekken die zouden aangeven dat mijn handen aan het afsterven waren.
Uiteindelijk, na een lijdensweg van zeker de volle vijf minuten, kwam ik terug thuis aan. Mijn handen vertoonden gelukkig nog nét tekenen van leven, de croissant was ondertussen op en het brood had de tocht gelukkig genoeg ook overleefd. Missie geslaagd! Het ontbijt was lekker.
Bedankt voor het lezen, en tot volgende keer.